Maak van je menukaart een gewone webpagina op je eigen site, geen PDF en geen foto van de kaart. Zet de gerechten per categorie, met de prijs als getal, de allergenen erbij en een Engelse versie. Laat de geprinte kaart uit dezelfde gegevens komen, zodat een prijswijziging op één plek gebeurt.
Wat bedoel je met “menukaart online”?
Drie dingen die vaak door elkaar lopen:
- Een ontwerp maken voor de gedrukte kaart, in Canva of Word. Dat is opmaak, geen website.
- Die kaart online zetten als PDF of als foto. Dat is wat de meeste zaken doen, en het is de zwakste vorm.
- De kaart als webpagina op je eigen site, met tekst die een telefoon, een vertaalapp en Google kunnen lezen.
Dit artikel gaat over het derde. Waarom een PDF daar tekortschiet, lees je in de menukaart op je website: PDF of echte pagina. Hier gaat het om het maken zelf: wat erop moet, hoe je het indeelt en hoe je voorkomt dat de kaart op tafel en de kaart online uit elkaar gaan lopen.
Waar begin je?
Bij de kaart die je nu gebruikt, niet bij een leeg scherm. Leg de gedrukte kaart naast je en tik hem over in een gewoon document of een spreadsheet, met per regel:
- de categorie (lunch, borrel, diner, bier van de tap, wijn per glas)
- de naam van het gerecht of drankje
- een korte omschrijving, als die er nu ook staat
- de prijs, als getal
- de allergenen
- eventueel: vegetarisch of vegan, seizoensgerecht, nieuw
Dat overzicht is het belangrijkste wat je maakt. Uit één lijst kun je daarna de webpagina halen, de Engelse versie, de printkaart en de kaart in je Google Bedrijfsprofiel. Wie begint met een mooi ontwerp en daarna de tekst eruit probeert te halen, doet het in de verkeerde volgorde.
Hoe deel je een menukaart in voor een telefoon?
Een gast leest je kaart op een telefoon, vaak al op weg naar je toe of aan de bar. Wat daar werkt:
- Categorieën bovenaan als snelle sprongen. Met één tik naar “Borrel” zonder door de lunch heen te scrollen.
- Eén gerecht per regel, met de prijs rechts. Geen kolommen naast elkaar; op een smal scherm vallen die over elkaar.
- Prijzen zonder valuta-gedoe. “7,50” of “€ 7,50”, maar wel overal hetzelfde. Geen “7.5” naast “8,00”.
- Korte omschrijvingen. De gast wil weten wat er op het bord komt, niet het verhaal van de boer. Dat verhaal past beter op je “over ons”-pagina.
- Duidelijk wat er nu niet is. Een seizoensgerecht dat uit is, haal je weg. Een kaart met “tijdelijk niet beschikbaar” bij vijf gerechten oogt slordiger dan een kortere kaart.
Moeten de allergenen erop?
Voor een menu dat alleen informatie geeft, zegt de NVWA dat je de informatie over de 14 allergenen kunt geven op de kaart of mondeling, zolang er een bordje hangt dat gasten ernaar kunnen vragen. Verkoop je online, dan moet het wel in de webshop staan: “Verkoopt u levensmiddelen online? Dan moet u in de webshop vermelden welke allergenen in de producten aanwezig zijn.” (NVWA, allergenen bij onverpakte levensmiddelen)
Ook als het niet verplicht is, raad ik het aan. Iemand met een notenallergie kiest thuis waar hij gaat eten, niet aan tafel. Een korte code achter het gerecht (bijvoorbeeld G voor gluten, N voor noten) met een legenda onderaan de kaart is genoeg.
Moet je menukaart ook in het Engels?
Als er toeristen of expats bij je binnenkomen: ja. En dan liefst als echte vertaling op je eigen site, niet als knop die Google Translate eroverheen gooit. Die maakt van een “uitsmijter” en “bitterballen” iets wat geen gast begrijpt.
Werk met één lijst in twee kolommen: de Nederlandse en de Engelse naam en omschrijving naast elkaar, de prijs en allergenen één keer. Dan kan een prijs nooit in de ene taal wel en in de andere niet zijn aangepast.
Hoe houd je de online kaart en de geprinte kaart gelijk?
Dat is de echte uitdaging, en de reden dat zoveel menukaarten online verouderd zijn. Twee kaarten op twee plekken bijhouden lukt een maand. Daarna niet meer.
De oplossing is dat er maar één bron is. De webpagina en de printversie komen uit dezelfde lijst. Pas je in die lijst een prijs aan, dan staat hij op de site en zit hij in de printkaart die je de volgende keer uitdraait. Op de sites die ik bouw werkt het zo: de menukaart staat als gegevens in de site, de webpagina en een printbare versie worden daar allebei uit gemaakt.
Doe je het zelf met een websitebouwer, kies dan op zijn minst voor een menupagina in tekst en houd de printkaart in hetzelfde document bij. Zet de datum van de laatste wijziging onderaan allebei. Dan zie je meteen welke achterloopt.
Waar moet de menukaart nog meer kloppen?
Op plekken waar je er zelf niet aan denkt:
- Je Google Bedrijfsprofiel. Daar kun je een menu of een link naar je menupagina invullen. Gasten zien dat vaak eerder dan je eigen site.
- QR-codes op tafel. Laat ze naar de menupagina op je eigen domein wijzen. Hoe je dat aanpakt, staat in QR-menukaart maken zonder abonnement.
- Bezorgplatforms. Een andere prijs bij Thuisbezorgd mag, maar zorg dat het een keuze is en geen vergissing.
- TheFork, Tripadvisor en vergelijkbare sites waar je een menu hebt geüpload. Haal oude PDF’s daar weg of vervang ze.
Het bijhouden van de menukaart in je Google Bedrijfsprofiel is iets wat ik onder het Google-plan van horecahosting.nl doe. Op je eigen site hoort het bij gewoon onderhoud.
Wanneer is een PDF wel genoeg?
Als bijlage. Een PDF naast je menupagina is handig voor wie hem wil printen of doorsturen naar de rest van het gezelschap. Als enige vorm is het te weinig: hij is lastig te lezen op een telefoon, Google kan er minder mee dan met gewone tekst, en hij wordt het eerste dat vergeten wordt bij een prijswijziging.
Wanneer heb je dit niet nodig?
Als je kaart drie regels heeft en twee jaar niet verandert, zoals bij een bruin café met een tap en een tosti. Dan zet je die drie regels in een zin op je homepage en ben je klaar. Een aparte menupagina hoeft niet.